Keuzes maken

Het werd weer eens hoog tijd voor een nieuwe blog. We hebben als gezin een heel hectisch half jaar achter de rug en daarin moet je keuzes maken. Die keuzes vielen in dat half jaar niet vaak op het bloggen, zo gaan die dingen. Maar nu is er weer wat meer ruimte en kies ik ervoor om dit weer op te pakken.

Keuzes maken, er zijn veel mensen die dat erg lastig vinden. Het is ook echt een ‘ding’ van mijn generatie (en jonger) denk ik. Is er ooit in de geschiedenis een generatie geweest die meer keuze-mogelijkheden had dan wij ? Het leven vroeger had ongetwijfeld een heleboel andere uitdagingen, maar zeker minder keuzestress.

Maar hoe had mijn leven er dan uit gezien ? Dan had ik waarschijnlijk niet kunnen studeren, dan was ik nu met meer dan de huidige twee kinderen thuis, waarschijnlijk met een andere man (want deze is katholiek…), dan woonde ik elders, dan aten we vrijwel elke dag aardappels met groeten en wat vlees, sporten was er al sinds de kindertijd niet meer bij (en toen was alleen gymnastiek of korfbal acceptabel geweest voor een meisje). Beetje saai leven lijkt me toch… dan toch maar liever al die makkelijke en moeilijke keuzes.

Maar hoe doe je dat dan ? Hoe maak je al die keuzes ? Sommige mensen die ik ken hebben het er, ook nu, best makkelijk mee. Ze volgen hun hart, zonder er al te veel bij na te denken bijvoorbeeld. Of ze weten gewoon heel goed wat ze willen en maken de keuzes die daarbij horen.
Ik zelf wist in het verleden altijd heel goed wat ik wilde… alleen … niet lang daarna wilde ik vaak al weer wat anders… Ik vond zoveel dingen leuk en interessant, en ik was denk ik ook al snel weer verveeld. Dat is ook te zien aan mijn sportverleden (ik heb meer sporten wel dan niet gedaan, denk ik wel eens), aan mijn kerkelijk verleden (ik heb in 5 verschillende sóórten kerken gekerkt) en aan mijn CV (veel studies, cursussen en verschillende banen). Gaandeweg werd wel het maken van de keuzes steeds makkelijker. Vooral omdat ik ging merken dat een keus nooit voor altijd hoefde te zijn, dat fouten maken niet erg was, dat je steeds weer opnieuw kon kiezen. En gaandeweg werden mijn prioriteiten in het leven steeds duidelijker; als die duidelijk zijn, kun je je keuzes daarop afstemmen en ook dat maakt het makkelijker.

Mijn hoogste prioriteit is dat ik God en de kerk wil dienen. Keuzes die ik maak moeten dus in lijn zijn daarmee. Mijn tweede prioriteit betreft mijn gezin; keuzes moeten dus in het voordeel van of zeker niet van negatieve invloed zijn op mijn gezin. De derde prioriteit zijn de relaties met mijn vrienden en familie. En terwijl ik dat zo opschrijf denk ik: “met dit lijstje staat mijn gezondheid wel redelijk laag… hmm… Misschien moet ik dat nog eens goed overdenken …”
Wat de keuzes toch soms bemoeilijkt, zijn alle ònbewuste ‘prioriteiten’. Mijn ego kan het in een bepaalde situatie bijvoorbeeld toch erg belangrijk vinden dat iemand anders me wel aardig vindt en dan maak ik opeens een keuze die niet in het belang is van mijn gezin, maar die mijn ‘ego’ beschermt. Of misschien vraagt de kerk mij op een dag te verhuizen naar een plaats waar ik niet heen wil en maak ik toch een andere keuze. Eenvoudig wordt het nooit… niet voor mij tenminste.

Op 18 november (20.00u) praten we in de Bron verder over dit thema: de uitdaging van keuzes maken. Vragen als: welke levenskeuzes heb je ooit gemaakt, die je leven veranderd hebben ? Hoe wordt keuzes maken makkelijker ? Hoe stel je prioriteiten ? Hoe ga je om met “foute” keuzes ?
Praat je mee ?

Wat doet het met je geloof ?

emotional rollercoaster

2014: een emotional rollercoaster…

Het bloggen is een poosje blijven liggen, vooral omdat wij als gezin een heftige tijd hebben doorgemaakt. Als je eerdere blogs van mij gelezen hebt, weet je dat we in april mijn schoonmoeder hebben verloren. Enkele weken geleden verliet ook mijn schoonvader dit leven. Voor ons als gezin, maar vooral natuurlijk voor mijn man, is dit een ontzettend zware tijd. Hij staat er opeens alleen voor in zijn familie, hij is de enige die beslissingen kan nemen over wat er wel en niet moet gebeuren en dat is nogal wat. Zomaar opeens, is hij wees…

Maar dan wat er de afgelopen weken in de wereld is gebeurd… Van een land in feeststemming, trots op ‘onze jongens’ in Brazilië, zijn we nu een land in diepe rouw. Onvoorstelbaar veel verdriet heeft de vrolijkheid overschaduwd. Of .. hoewel, tegelijkertijd, tussen de foto’s van een geëmotioneerde minister Timmermans en rouwauto’s verschijnen ook de vrolijke vakantiefoto’s van de vrienden en bekenden die natuurlijk wel gewoon aan het genieten zijn van hun vakantie (zou ik ook doen hoor, begrijp me niet verkeerd). Het contrast is allemaal zo groot.

Zowel in mijn eigen dagelijks leven, als in het leven van vrienden, àls in de wereld lijkt het leven op een emotionele achtbaan, met hoge toppen en diepe dalen. Hoe houd je je daarin overeind ? Wat doet het met je geloof, als je dat hebt…?
Blijf je vertrouwen dat God voor ons zorgt ? Dat God erbij is, als we het moeilijk hebben ? Ben je boos op God, omdat hij al die nare dingen laat gebeuren of vind je het niet eerlijk dat er zoveel mensen zijn die lijden en tegelijkertijd zoveel mensen het zó goed hebben? Verlies je je geloof, omdat je niks hebt aan een God die machteloos heeft toegekeken hoe dit vliegtuig uit de lucht viel ? Of geloof je juist dat God er een bedoeling mee heeft gehad, al durf je dat niet hardop uit te spreken? Wat doet dit met je geloof … ?

Ik heb het antwoord niet, maar ben wel benieuwd naar dat van jou !

Geloof leeft !

Veel geluid, gelach, gegiechel, muziek …

Aftellen… 3 2 1

Explosie van muziek, licht en gejoel…

En dan, een mooie dag met veel goede muziek, spectaculaire lichtshows, mooie en leuke gesprekken, getuigenissen die raken en plezier (en dat voor € 7,50!).

Afgelopen zaterdag was ik met mijn (bijna) 44 jaar voor het eerst op een EO jongerendag. Toen ik zelf tiener was verkeerde ik in katholieke kringen en daar leefde het helemaal niet, dus kwam ik er niet. En ik ben nooit een festivalkijker op tv geweest, dus ook daar heb ik het nooit gevolgd. Dit jaar werd ik ‘op sleeptouw’ genomen door twee meiden uit mijn werkgemeente die gelukkig wel wilden en daar ben ik dankbaar voor.

Wat een dag ! Wat een bemoediging !

In het Gelredome in Arnhem waren zo’n 27.000 mensen, waarvan (ik schat) zo’n 22.000 jongeren, samen gekomen om plezier te hebben, te zingen, te aanbidden, hun geloof te delen en anderen te leren kennen met wie ze iets van hun leven of geloof kunnen delen. Toen het begon en al die jonge mensen dansten en zongen zat ik met kippenvel.

Als jongerenwerker in een kerk werk je vaak maar met een handjevol jongeren. Of, als je geluk hebt, met enkele tientallen, maar dit …Uit alle onderzoeken blijkt dat het geloof op zulke dagen juist gebeurt, omdat ze ervaren dat ze niet alleen zijn, dat het niet stom is om te geloven, maar dat veel anderen er ook enthousiast over zijn. Door de grote aantallen voelen zij zich bevestigd, bemoedigd en geaccepteerd. Dat maakt dat ze veel meer dan anders open staan om geraakt te worden. Nou… dat geldt dan ook voor deze jongerenwerker. Door het grote aantal werd ik enorm bemoedigd en geraakt. Geloof leeft, ook onder jongeren !

 In de kerk zijn we zo bang (en terecht) om de jeugd kwijt te raken. We zien ze zo weinig en we hebben vaak het gevoel dat we zo ver van ze af staan. Onze liturgie spreekt hen zelden aan. Dat was vroeger ook al zo natuurlijk, maar toen moest je van je ouders – nu die dwang weg is, is er weinig wat hen kan bewegen om op zondagochtend vroeg uit bed te komen en naar een kerk te gaan.

 Nou, zeggen we dan. Geloven hoeft ook niet altijd op zondagochtend. We hebben toch ook de clubs, de catechese, de jeugdactiviteiten… Die worden in ieder geval nog wel redelijk bezocht. Ja, dat is zo, hoewel ook daar vaak de klad in komt als ouders niet een beetje pushen.

 Maar waar gaat het nu eigenlijk om?

Hoe graag ik jongeren ook deel van een gemeente wil laten zijn, hoe graag ik hen ook wil laten ervaren wat de waarde daarvan is en hoe graag ik ook wil dat ze er (af en toe?) op zondag zijn, is dat het uiteindelijke doel ? Ik denk het niet.

Het doel is denk ik dat ze mogen ervaren dat er een God is en dat die onvoorwaardelijk van hen houdt. Dat ze een relatie met Hem leren opbouwen. Dat ze leren om vanuit die liefde te leven. Als je ervaren hebt, dat er Iemand is die van je houdt, dan vergeet je die niet zomaar. Ook niet in de periodes dat de kerk geen (grote) rol in je leven speelt.

 Maar hoe doe je dat dan ? Hoe zorg je dat ze dat ervaren ? Het begint natuurlijk thuis; ouders die het hen steeds vertellen, die het voorleven. De gemeente  die haar aandeel doet in het kinderwerk. School zou kunnen helpen. En, onderweg, zullen ze af en toe echt geraakt moeten worden.

 Op deze EO-jongerendag merkte ik hoe dat gebeurt. De muziek heeft een groot aandeel natuurlijk. De preek niet. Er was een echte ‘jongerenspreker’, maar om me heen dwaalden blikken af en werden acuut de mobieltjes tevoorschijn gehaald toen hij begon te (s)preken. Weet je wat raakte ? De twee verhalen van tieners, twee getuigenissen. Eén jongen met ADHD die op school enorm gepest werd en wordt, maar die de groep tieners van zijn kerk ervaart als een warm bad, waar hij mag zijn wie hij is. Waar hem vertelt wordt dat God van hem houdt, precies zoals hij is. Die door zijn geloof en door de steun van zijn gemeente zelfvertrouwen heeft gekregen en het pesten (wat er nog steeds is !) van zich af kan laten glijden en hoop heeft op een mooie toekomst. Dat raakte. En een jonge vrouw, die verslaafd was geraakt aan porno en aan zelfmutilatie (snijden in haar armen), maar die daar, doordat ze God leerde kennen, langzaam uitgekrabbeld was. Dat raakte.

 Jongeren moeten plekken hebben waar ze op hun manier, samen kunnen beleven en kunnen delen. Waar ze horen van anderen hoe God in het leven werkt. Waar ze mogen horen en ervaren dat God van hen houdt. Dan blijft geloof wel leven. En zien we ze ook nog wel eens (terug) in de kerk.

 

Let go and let God …

Er is zoveel gebeurd de afgelopen maand. Privé en werk was nogal hectisch de afgelopen maanden.

De belangrijkste les die ik, niet bepaald voor de eerste keer, geleerd heb, laat zich verwoorden in het Engelse: Let go and let God.

Ik zeg wel dat ik de les geleerd heb, maar eigenlijk is dat niet zo. Het is een les die zich keer op keer, jaar na jaar aan mij presenteert en blijkbaar ben ik nogal hardleers, want ik heb het nog steeds niet onder de knie… Al een paar jaar geleden heb ik eens een preek gehouden met dit thema. Ik heb de gemeenteleden toen gevraagd iets wat ze graag los wilden laten op een papiertje te schrijven. Ik heb hen laten ervaren hoe het vooral aan onszelf ligt, dat we iets vast (willen) houden, hoe wij de controle willen houden. Door het papiertje op de grond te laten vallen, wilde ik iedereen laten ervaren hoe gemakkelijk het is om iets zelf los te laten. Het zorgde voor enige hilariteit toen we ontdekten dat de grootste ‘control freaks’ (had ik zelf bij gehoord!), meteen bukten om het papiertje (en dus de inhoud) weer op te rapen. Loslaten is vaak op zichzelf niet eens zo moeilijk, maar om het vervolgens nooit meer op te pakken… Dat is lastig !

Maar ja, pas als wij iets loslaten kan God ermee aan de slag, was toen de boodschap. Aan het einde van de dienst hebben de mensen hun papiertjes toen in een doos gegooid met de opdracht het echt niet meer op te rapen. En tot op de dag van vandaag hoor ik nog wel eens verhalen van mensen, over wat er toen gebeurd is. Bijzonder is dat.

Loslaten betekent echter, gek genoeg misschien, niet dat je zelf niets meer hoeft te doen. Je moet wel bezig blijven, aanpakken wat zich aandient, zelf blijven denken (niet tobben) en in beweging zijn. “Een geparkeerde auto kan ook door God niet bestuurd worden”, zei een vriend van me eens. Loslaten betekent niet parkeren en niets doen. Loslaten betekent ophouden te doen alsof jij ‘in control’ bent. Ophouden te doen alsof het allemaal van jou alleen afhangt. Ophouden met zorgen maken…

En het betekent nog iets. Loslaten vraagt ook flexibiliteit over uitkomsten. Als je namelijk niet zelf in control bent, ben je ook niet in control over de uitkomst. Die kan wel eens heel anders zijn dan je had gedacht. Gelukkig is het niet alleen ‘let go’, maar ook ‘let God’…; als je Hem er steeds in betrekt (of beter gezegd, je bewust bent van het feit dat Hij degene is die in control is), dan mag je ook leiding verwachten, aannemen en volgen. Dan mag je ook vertrouwen dat wat er gebeurt, is wat goed voor jou is (of door Hem ten goede gebruikt zal worden).

In mijn geval was het bijvoorbeeld zo dat ik eindelijk, na maanden denken en zoeken, mijn opleidingstraject voor de komende drie jaar uitgevogeld had. Ik had steeds mijn vragen en zoektocht aan God voorgelegd en ik had mijn best gedaan Zijn leiding te volgen. Zijn leiding leidde mij bijvoorbeeld naar een open dag op de universiteit in Kampen. Daar leerde ik zoveel en het sprak me zo aan, dat ik zeker was dat dit de plek was waar ik wilde gaan studeren. Allerlei puzzelstukjes vielen vervolgens vanzelf op zijn plek en ik puzzelde de overige stukjes aan elkaar. Nou… als dit toch geen leiding was…

Misschien ben ik te snel zelf gaan puzzelen of… Hoe dan ook, net nadat alles in stelling was gebracht, viel mijn roeping uit de kast. Nou, dacht ik nog, dat verandert eigenlijk niet zoveel aan het uitgedachte traject; het voegt alleen wat toe. Maar een week of twee later trok de TU Kampen haar toezeggingen (nodig voor mijn traject) in en staat het hele traject nu op losse schroeven.

Na een dagje balen en wat geërgerd naar God kijkend, denkend “wat wilt U nu ?”, begon ik langzaam de volgende stappen te zien. Er was immers echt iets veranderd… Ik had besloten mijn predikantsroeping te volgen… Opeens werd duidelijk hoe het uitvogelen van mijn opleidingstraject en de dag in Kampen daar belangrijke duwtjes van God in waren geweest. En opeens ging ik ook de voordelen zien, van als dit nìet mijn traject zou worden de komende jaren, maar als het heel anders zou worden. En dat terwijl ik de dag ervoor nog zó enthousiast geweest was over de opleiding (nog ben trouwens).

Met andere woorden, de ideeën, plannen en dromen voor mijn toekomst had ik niet echt losgelaten, ik had best wel een beetje gedaan alsof het allemaal van mij afhing, maar in de uitkomst mocht ik wel snel de flexibiliteit van (de) geest/Geest ervaren, die mij vlug weer op Zijn weg voor mij deed stappen.  Ik heb geen idee hoe die weg eruit gaat zien. Niet voor niets heeft de Bijbel het over een ‘lamp voor mijn voeten’ en niet over ‘groot licht dat de hele weg zichtbaar maakt’. Maar ik weet wel dat ik Hem wil volgen, dat ik de weg die Hij voor mij bereid wil volgen èn dat ik op die weg, met Hem, alles aankan wat we tegenkomen.

Uit de kast…

Afbeelding

Ik heb een bekentenis… of aankondiging … of … weet ik hoe ik het moet noemen… Het voelt in ieder geval alsof ik uit de kast kom, maar niet wat mijn geaardheid betreft.

Ik ga predikant worden…

Misschien vind je dat helemaal niet zo’n indrukwekkende coming out, zeker niet gezien mijn huidige baan in de kerk, maar voor mij is het meer dan groots. Ik zal uitleggen waarom en ik wil het delen omdat het een wezenlijk deel van mijn weg met God is.

Zo’n zes jaar geleden studeerde ik aan mijn pastorale theologische opleiding en volgde ik daarnaast een aantal vakken aan de theologische opleiding van de Kerk van de Nazarener. Eén van de vakken heette ‘Vocation’ (roeping). Het ging eigenlijk nog niet eens zozeer over je persoonlijke roeping maar meer over wat roeping is, over de Bijbelse achtergrond ervan (roepingen in de Bijbel), en zo nog wat zaken. Maar tijdens het blok waarin het vak gegeven werd, had ik een vrij heftige roepingservaring. Ik besefte dat God mij riep om predikant te worden (de ervaring zelf kan ik niet goed onder woorden brengen, dus die laat ik even voor wat het is).

Hoewel in datzelfde ogenblik onmiddellijk twijfel toesloeg (is dit wel een roep van God, wil Hij dit echt, kan ik dat, enzovoorts), was ik compleet van mijn stuk. Ik heb het alleen met mijn man gedeeld en was een week lang iedere keer als ik eraan dacht, in tranen. Ik wilde namelijk echt helemaal niet ! Ik vind het predikantschap niet zomaar een gewone baan. Ik vind het bijvoorbeeld een gigantische verantwoordelijkheid en ik ben helemaal niet zo goed in het dragen van verantwoordelijkheid. Althans, ik durf het niet goed en ga het bij voorkeur (zeker in arbeidssituaties) zoveel mogelijk uit de weg. Ten tweede vind ik mezelf helemaal geen ‘goed-genoeg’-christen en ten derde denk ik dat ik het niet zo’n geschikte baan is voor mijn ‘ego’; als de mensen positief zijn ben ik bang té trots te worden en als ze negatief zijn, kan mijn enigszins gebrekkige gevoel van zelfwaarde dat waarschijnlijk niet zo goed aan. Niks voor mij dus ! (mijn huidige baan lijkt erop, maar verschilt vooral op deze drie punten !)

Uiteindelijk sprak ik er met de docent in kwestie over. Na een uitvoerig gesprek was haar eindadvies: “joh, je zit pas in jaar twee van je opleiding, maar je ook niet té druk, parkeer het even en zie hoe het verder gaat.” Dat liet ik me geen twee keer zeggen. Onmiddellijk heb ik de ervaring ingepakt en “in de kast gelegd’, achter slot en grendel. De jaren erna wist ik heus wel dat het er lag, maar veilig opgeborgen en ‘ik hoefde er helemaal niks’ mee, dacht ik. Zelfs in het zoeken naar een baan na mijn opleiding (en bij het niet zo snel lukken daarvan) heb ik geen seconde overwogen iets met mijn roepings-ervaring te doen. Het lag er best. Ik zou wel zien wat het leven me zou brengen.
Maar Zijn wegen worden niet voor niets ondoorgrondelijk genoemd en natuurlijk heerst Hij ook over ‘het leven’. En dus bracht het leven me precies dat wat ik nodig had om uiteindelijk aan Zijn roep gehoor te geven.

Ik vond mijn weg in de PKN, waar ik nu met ontzettend veel plezier en voldoening werk als jeugd- en missionair werker. Eigenlijk is het een soort ‘dominee-light’ functie. In die functie doe ik ervaringen op en worden dingen van mij gevraagd, die maakten dat ik zelf wellicht die deur van de kast van het slot heb gehaald en langzaam kraakte het deurtje verder open.

Drie weken geleden mocht ik voorgaan in een voor mij onbekende gemeente in de buurt van Alphen aan den Rijn. Mijn preek eindigde met een samenvattende verkondiging van het evangelie en opeens… stond ik daar met kippenvel en een brok in mijn keel. Ik voelde zoveel blijdschap over het evangelie en dat ik dat tegen de mensen mocht uitspreken…

Ik heb door het einde van de dienst heen gewerkt, maar in de auto volgde snel de tranen. Deze ervaring had de kast geopend en ik hoorde en voelde Zijn roep opnieuw. Dit keer niet meer terug te proppen… De week erna ben ik, stap voor stap, uit de kast gekomen. Ik heb het gedeeld met mijn man, mijn eigen dominee, familie en vrienden. Elke stap voelt nog steeds spannend, onzeker, maar langzaam wordt het ‘van mij’.

Ik ga de benodigde stappen nemen. Hoe, waar, ik weet het allemaal nog niet, maar heb het volledig vertrouwen dat Hij me daarin zal leiden. Het zal hoe dan ook beginnen met studie en al die mij kennen weten dat ik daar ontzettend naar uitkijk. Ik hoop dat ik op jullie gebed mag rekenen voor de toekomst; ik zal het wel nodig hebben 

 

In de eeuwigheid bestaat geen tijd…

Ik ben even uit de lucht geweest. Het zijn hectische tijden geweest op persoonlijk vlak. De heftigste gebeurtenis daarin was het overlijden van mijn schoonmoeder. En juist daarover wil ik iets met jullie delen. 

Mijn schoonmoeder was niet toe aan de dood. Ze was al wel 79 en had een zwaar leven achter de rug, maar ze was zo actief als mogelijk en genoot met volle teugen van haar kleindochters (onze meiden). Haar lijf heeft het opgegeven, maar haar geest had graag nog lange tijd bij ons geweest. En natuurlijk hadden wij haar nog graag een tijd bij ons gehouden. 

Nu ben ik nooit al te sentimenteel geweest over de dood. Zelfs niet toen 7 jaar geleden mijn vader overleed. Ik sta vol in het geloof dat het leven hierna beter is, dat dat een “èchter, voller, rijker” leven is, dan wat wij hier kennen. Ik geloof dat zij in de eeuwigheid bij God zijn en hoewel ik me daar weinig voorstelling van kan maken, geloof ik dat de dood voor de overledene dus eerder een verlossing dan iets naars is. Sentimenteel kan ik zijn als ik zelf die persoon mis. Dat zijn momenten waarin het verdriet toeslaat; die gaan voorbij en worden met de tijd toch minder.

 Toen mijn vader overleed, was het goed zo. Hij was er klaar voor. En hoewel ook hij vast graag nog langer van zijn kleinkinderen had willen genieten, woog dat niet meer op tegen de strijd die het leven kostte. Dat gaf rust, ook aan ons. Bij mijn schoonmoeder was het dus anders. En dat riep bij mij een vraag op:

“Hoe kan het leven hierna nu echt beter, of zelf maar “goed” zijn, als dat waar zij voor leefde, als dat waar zij het meest intens van genoot, hier op aarde achterblijft en zij niet meer ècht bij hen kan zijn. Ze kan de meisjes niet meer knuffelen, niet meer met ze gaan winkelen, geen gesprekken meer met hen voeren. Hoe kan zij dat als ‘beter’ ervaren ?” 

Ik praat nogal eens met God. En God zegt ook meestal wat terug. Soms door de woorden van een ander, van een boek, een film. Soms door de Bijbel of een lied. Maar niet zelden gewoon doordat er mij gedachten ‘invallen’ die niet van mij zijn. Ik kan niet precies uitleggen hoe dat werkt of voelt, hoe ik weet dat het niet mijn eigen gedachten zijn, maar dat het Zijn stem is … Als “schaapje” geloof ik, zoals de Bijbel belooft, dat ik de stem van mijn Herder herken en dat zolang Zijn woorden in overeenstemming zijn met wat ik van Hem weet en hoe ik Hem heb leren kennen in mijn geloofsleven, vertrouw ik erop dat het goed is.

Ik legde Hem mijn vraag voor. Hij antwoordde:

“In de eeuwigheid is geen tijd. Er is alleen maar nu. Je schoonmoeder, maar ook jijzelf èn je kinderen zijn daar ook NU. Hun werkelijke zelf is daar, in de eeuwigheid. Zij is gewoon bij hen, op een manier die jouw voorstellingsvermogen voorbijgaat, maar daarom niet minder waar is. Ze geniet meer van hen, dan dat ze op aarde had gekund. Het is goed.” Tranen kwamen. Het is goed. Bijgaand lied welde in me op:

 

 

God of het Leven ?

Mijn beste vriendin gelooft niet. Althans, zo zou ze het niet noemen. Ze is in ieder geval zeker geen christen. En toch, toch staan we niet zo heel verschillend in het leven.

Deze week vertelde ze dat ze meestal zo dankbaar was voor hoe het Leven voor haar zorgt. Ze heeft het echt niet makkelijk gehad en veel te veel meegemaakt – te veel verliezen geleden- en toch leeft ze heel erg vanuit dankbaarheid (en dat vind ik dan wel weer heel bijzonder). Ze is het Leven dankbaar, maar de afgelopen tijd is er wel weer erg veel op haar bordje terecht gekomen en ze vertelde dat ze begin deze week ook even echt boos was geweest op het Leven. Heel boos. En dat ze de volgende dag alweer spijt had en een beetje bang was dat ze niet boos had mogen worden; misschien ‘straft het leven het dan wel weer af’…

Ik moest lachen. Ik herkende zoveel … Als ik God invul op alle plaatsen waar zij het woord Leven gebruikt, zie ik niet zoveel verschil met hoe ik, en velen met mij, als christen vaak met het leven omga. Als christenen proberen we uit dankbaarheid te leven, maar zijn we ook wel eens goed boos op het Leven voor wat ons overkomt. Toch is er wel een belangrijk verschil, want de meeste christenen denken niet dat God en het Leven hetzelfde zijn. Het Leven is immers ook dat, wat door de zonde ‘gebroken’ is, waar het kwaad in regeert. En God is niet degene die ons het kwaad doet overkomen.Toch ?

 In mijn kerk zeggen ze vaak “God is goed, het leven is niet altijd goed, maar God is goed”. Dat is een manier om te zeggen dat het leven soms nare dingen brengt, maar dat God dat niet doet. Het Leven is verantwoordelijk – God is nabij om te troosten, rust te brengen, te omarmen, kracht te geven enzovoorts. Zo halen we die twee dingen uit elkaar,  zodat we boos kunnen zijn op het leven, zonder boos te zijn op God. Het fijne daarvan is dat we niet bang hoeven te worden dat God boos wordt, omdat wij boos op Hem zijn. Het vervelende is dat het Leven daardoor niet een zorgzaam ‘iets’ wordt, waarin we in vertrouwen in kunnen leven.

Het enige vertrouwen wat we kunnen hebben dan, is dat God voor ons wil zorgen, wat ons ook overkomt. Dat is natuurlijk ook al prachtig en er is niets mis met die levenshouding. Maar wat ik niet zo goed snap is hoe we dan God dankbaar kunnen zijn voor de goede dingen in ons leven. Als het Leven iets is wat ons overkomt, dan kunnen we niet boos zijn over het ‘nare’, maar ook niet ‘dankbaar’ voor het goede. Toch ?

 Ik weet niet of God het ‘nare’ in ons leven brengt, maar ik geloof wel dat Hij het ‘nare’ zou kunnen voorkomen. Het feit dat Hij dat niet doet, maakt dat ik wil geloven dat het ‘nare’ ook zin heeft. Ons iets brengt, ons doet groeien, ons iets doet beseffen…Of dat het niet voor onszelf goed is, maar dat het toch past in het grote plan wat Hij voor de wereld heeft. Ook als we er niets van begrijpen.

 Ik ben dus geneigd te denken dat de levenshouding van mijn vriendin dichterbij de waarheid ligt, dan die van veel christenen. Ik denk dat het goed is om het Leven/God te danken voor al het goede wat het/Hij ons brengt. En ik denk ook dat we best even goed boos mogen zijn op het Leven/God als ons nare dingen overkomen, als het ons even te veel wordt.

 Maar toch hoop ik ook, dat zij het Leven leert kennen als God, die voor haar zorgt, die haar moeiteloos begrijpt en vergeeft als ze boos op Hem wordt en vooral dat Hij oneindig veel van haar houdt. Zoveel dat Hij zijn leven voor haar gegeven heeft.